De kantonrechter in Roermond heeft terecht ingestemd met het ontslag van een productiechef van een Limburgs toeleveringsbedrijf voor de auto-industrie wegens seksuele intimidatie. Dat heeft het gerechtshof in Den Bosch bepaald in het hoger beroep dat de man tegen zijn ontslag had aangetekend.

De chef van een van de productielijnen van de fabriek werd er door diverse medewerksters en uitzendkrachten uit Polen, Tsjechië en Slowakije van beschuldigd zich te hebben bezondigd aan ontoelaatbaar gedrag. Hij zou vrouwen onder meer bij hun borsten, billen en kruis hebben gepakt. Ook zou hij tegen een Poolse medewerkster hebben gezegd dat ze alleen voor een vast contract in aanmerking zou komen als ze seks met hem zou hebben. Voor het bedrijf waren de klachten reden de man eerst op non-actief te stellen en spoedig daarna definitief op straat te zetten.

Volgens de verdachte waren alle verklaringen verzonnen en zou hij het slachtoffer zijn geworden van een hetze. Het feit dat enkele (mannelijke) collega’s het voor hem opnamen en beweerden hem nooit betrapt te hebben op seksueel intimiderend gedrag mocht niet baten. Zijn ontslag bleef ook in hoger beroep staan en een geëiste schadevergoeding van twee ton werd evenmin toegekend.