Consumentenbond erkent fout in zoutberekening

De hoeveelheid zout op het drogestofgehalte valt daardoor aanzienlijk lager uit dan de bond deze week communiceerde. De organisatie wil de fout in de Gezondgids van februari 2017 rectificeren.

‘Bij het berekenen van de hoeveelheid zout per snee brood is abusievelijk het zoutgehalte in gram per 100 gram droge stof als uitgangspunt genomen’, laat onderzoeker Thomas Cammelbeeck van de Consumentenbond weten. ‘Zoals u terecht aangeeft had deze berekening uiteraard de hoeveelheid zout per 100 gram brood als uitgangspunt moeten nemen. Deze berekening komt zoals verwacht lager uit.’

Navraag door bakkerijtechnoloog Piet Sluimer, namens Bakkerswereld, leidde ertoe dat de Consumentenbond de resultaten opnieuw heeft bekeken.

De vraag luidde of de zouthoeveelheid per 100 gram droge stof of per 100 gram brood is gemeten. De gerapporteerde hoeveelheid leek namelijk zeer onwaarschijnlijk, zeker omdat dit uit een mengmonster van 3 broden was verkregen. ‘Ik ben nagegaan hoe dit precies zit. Uw constatering blijkt helaas de juiste’, aldus Cammelbeeck. ‘Wij betreuren deze fout en gaan deze in de volgende Gezondgids (februari) rectificeren.’

De twee zoutste broden uit het onderzoek bevatten na herberekening geen 0,8 gram maar 0,5 gram zout. Dat komt neer op circa 2% zout op de drogestof. Dat is weliswaar meer dan de norm van 1,8% die het broodbesluit aangeeft, maar ligt niettemin aanzienlijk lager dan de Consumentenbond suggereerde.