Fraude: Hoofd P&O Restauratie Atelier Limburg gaf zoon ten onrechte jarenlang salaris (100.000 euro)

Kunstig was de fraude zeker bij de Stichting Restauratie Atelier Limburg (SRAL) in Maastricht. Het Hoofd P&O liet haar zoon jarenlang op de loonlijst staan, terwijl die er na een eerder dienstverband niet meer werkte. Dat was niet het enige: de jongeman kreeg een reis naar New York vergoed, reiskosten, benzinekosten en handje contantje nog eens 2500 euro. Het Restauratie Atelier berekende de totale schade – inclusief onderzoekskosten van 12 mille – op € 114.778,90.

In december 2016 kwam de fraude aan het licht. Hoe, dat wordt niet precies duidelijk uit de uitspraak van de kantonrechter in Maastricht. Er wordt slechts gezegd dat er “concrete signalen” waren binnengekomen bij de directie.

Uit het vonnis wordt duidelijk dat de vrouw – sinds 1992 werkzaam bij het atelier – er alles aan gedaan heeft het laten doorlopen van de loonbetalingen geheim te houden. Toen de zaak aan het licht kwam, bood ze direct aan een terugbetalingsregeling te treffen, nadat ze zich eerst ziek meldde en daarbij aangaf bereid te zijn een dag later weer te willen hervatten. Later ontkende ze de fraude en voerde ze aan dat de zoon – geen restaurator – wel degelijk aan het werk was geweest op diverse projecten. De projectleiders van die werken spraken dat desgevraagd allemaal tegen. De vrouw zette ook nog een vaststellingsovereenkomst met als einddatum 1 maart 2017 tussen  het Restauratie Atelier en de zoon op papier, waarbij ze de handtekening van een directeur eenvoudig kopieerde, zo stelde die tijdens de rechtszitting. In de rechtszaak voerde de vrouw ook nog als verdediging aan dat de stichting op de hoogte was van de salarisbetalingen omdat de administrateur van de stichting altijd het loon had overgemaakt. De kantonrechter veegde die redenering van tafel.

De directie motiveerde net voor de Kerst vorig jaar het gegeven ontslag op staande voet als volgt:

“Sinds 1 januari 1992 ben jij in dienst van de Stichting Restauratie Atelier Limburg (hierna: “de Stichting”), laatstelijk in de functie van Hoofd Administratie. Tevens ben je belast met personeelszaken.

Afgelopen zaterdag, 17 december 2016, hebben wij concrete signalen ontvangen dat jij je schuldig zou maken of zou hebben gemaakt aan het verrichten van ongeoorloofde betalingen met gelden van de Stichting.

Op maandag 19 december 2016 heb ik je tijdens een gesprek met deze signalen geconfronteerd. Tijdens dit gesprek heb jij bekend dat jij ervoor hebt gezorgd dat jouw zoon ten onrechte na 2014 op de loonlijst van de Stichting heeft gestaan, althans is blijven staan, en dat hij aldus vanaf 2015 ten onrechte salarisbetalingen, althans gelden van de Stichting heeft ontvangen, zonder dat hier een navenante (arbeids)prestatie tegenover stond.

Naar aanleiding van jouw verklaring heb ik de Raad van Toezicht over het voorgaande geïnformeerd. In een gesprek met ondergetekende en één van de leden van de Raad van Toezicht later die dag heb jij bevestigd dat je je schuldig hebt gemaakt aan voornoemde ongeoorloofde betalingen. Als verklaring voor jouw handelen heb je aangegeven dat jouw zoon zich in een moeilijke privé-situatie c.q. financiële situatie bevond en dat jij hem op deze manier hebt willen ‘helpen’.

Door jouw handelen zijn er gelden aan het vermogen van de Stichting onttrokken, zonder dat er een juridische grondslag voor deze betalingen bestond. Je hebt het bestuur van de Stichting op geen enkele wijze over deze betalingen geïnformeerd, laat staan dat je van het bestuur van de Stichting daarvoor toestemming hebt verkregen.

Jouw handelwijze als hiervoor beschreven is voor de Stichting volstrekt onacceptabel. In de functie van Hoofd Administratie ben je verantwoordelijk voor het financiële reilen en zeilen van de Stichting. In deze functie zijn integriteit en betrouwbaarheid van het grootste belang. De Stichting moet blindelings op je kunnen vertrouwen. Door jouw handelen heb je de verplichtingen voortvloeiende uit jou arbeidsovereenkomst op grovelijke wijze geschonden en heb je flagrant in strijd gehandeld met de deugdelijke uitoefening van jouw functie. Sterker, je hebt misbruik gemaakt van jouw positie binnen de Stichting. Daarbij heb je de Stichting financieel ernstig benadeeld.

Als gevolg van jouw hiervoor vermelde ernstige gedragingen en tekortkomingen, heeft de Stichting definitief elk vertrouwen in een verdere samenwerking met jou verloren. Onder de gegeven omstandigheden kon van de Stichting redelijkerwijs niet worden gevergd dat zij de arbeidsovereenkomst met jou liet voortduren. De hierboven omschreven gedragingen en omstandigheden dienen dan ook ieder afzonderlijk, maar zeker in samenhang beschouwd te worden aangemerkt als een dringende reden in de zin van artikel 7:677 BW juncto 7:678 BW. (…)”
SRAL heeft de rechter gevraagd de vrouw te veroordelen  tot betaling van € 114.778,90 schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke (handels)rente vanaf 21 december 2016 tot de dag van voldoening,

De gevorderde schadevergoeding van € 114.778,90 is opgebouwd uit de volgende onderdelen:
loonkosten van [naam zoon verzoekster] over de jaren 2015 en 2016 € 86.843,49
reiskosten [naam zoon verzoekster] over de jaren 2015 en 2015 € 2.767,35
reis naar New York € 5.830,86
kastekort € 2.500,00
benzinekosten vanaf 2013 € 4.011,20
onderzoekskosten Koenen & Co € 12.826,00

De vrouw verzocht de rechter het ontslag op staande voet te vernietigen, SRAL te veroordelen haar toe te laten tot de bedongen werkzaamheden, SRAL te veroordelen tot betaling van het loon en de wettelijke verhoging totdat de arbeidsovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig zal zijn geëindigd, te vermeerderen met de wettelijke rente,
SRAL te veroordelen tot betaling van een transitievergoeding van € 77.000,00 voor het geval het ontslag op staande voet wordt vernietigd en het tegenverzoek van SRAL tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt toegewezen, SRAL te veroordelen in de proceskosten.

De uitspraak van de rechter sluit nagenoeg volledig aan bij de zienswijze van het Restauratie Atelier.