De gemeenteraad van Nederweert heeft op 5 juli een voorbereidingsbesluit genomen voor veertien agrarische bedrijven die volgens berekeningen van het RIVM een overschrijding van de normen voor fijnstof veroorzaken, zo meldt de LLTB. Concreet betekent dit dat deze bedrijven geen wijzigingen in hun bedrijfsvoering mogen doorvoeren die kunnen leiden tot een toename van fijnstof in de omgeving. Het besluit geldt voor één jaar.

Simon van Loon, bestuurder van de LLTB-regio Midden-Limburg en zelf woonachtig en bedrijfsvoerend in de gemeente, heeft begrip voor de maatregelen, maar plaatst ook de nodige kritische kanttekeningen. Van Loon: “We weten dat de problematiek rond landbouwbedrijven is ontstaan vanwege de dierwelzijnsmaatregelen die de maatschappij en burgers van de pluimveesector vragen. Het is dan logisch dat de maatschappij ook bijdraagt aan de oplossingen. De kosten mogen niet eenzijdig op de agrarische ondernemer afgewenteld worden”.

Ook andere bronnen moeten volgens Simon van Loon bekeken worden. “De hoge achtergrond belasting zorgt ervoor dat je in Nederweert snel overschrijdingen krijgt,“ zegt hij. “Die achtergrondbelasting komt zeker niet alleen van pluimveebedrijven. Ook wegen en transport, industrie en het buitenland leveren een grote bijdrage.” De landbouwsector denkt en werkt volgens hem mee aan oplossingen, maar dan is wel van belang dat andere sectoren dat ook doen.

Tenslotte vindt Van Loon dat bij oplossingen niet alleen naar technieken bij bedrijven gekeken mag worden. “Ik ken de situaties,” zegt hij. “Er zijn gevallen bij die niet met technieken op bedrijfsniveau op te lossen zijn. De overheid moet dan ook het lef hebben te kijken naar andere oplossingen, zoals op termijn het saneren van een burgerwoning.” Zijn conclusie is dat maatwerk per situatie nodig is, waarbij alle oplossingen bespreekbaar moeten zijn.