Heerlen en Kerkrade gaan winkelstructuur afstemmen

Gemeenten Heerlen en Kerkrade hebben op 15 november samen met Stadsregio Parkstad Limburg een bestuursconvenant getekend voor een toekomstbestendige winkelstructuur in de stadsdelen Heerlen-Zuid en Kerkrade-West. Doel van het convenant is te komen tot een plan ten behoeve van versterking van de kwaliteit van het voorzieningenniveau voor inwoners, ten gunste van de leefbaarheid en het ondernemersklimaat in de genoemde stadsdelen.

De drie partijen zien dat de stadsdelen Heerlen-Zuid en Kerkrade-West fungeren als één samenhangend geheel. Tegelijkertijd is er sprake van een rommelige structuur, een gefragmenteerd aanbod en leegstand. Samen wordt gewerkt aan een gemeentegrens overschrijdende visie voor het totale gebied, zodat in gezamenlijkheid kan worden gewerkt aan toekomstbestendige en leefbare stadsdelen. De publieke partijen nemen nu samen de regie om proactief te sturen op retail-ontwikkelingen en trekken tevens samen op bij het tegengaan van ongewenste ontwikkelingen.

Uitvoeringsprogramma Retail
Het convenant is een doorvertaling op wijkniveau van de Structuurvisie Ruimtelijke Economie Zuid-Limburg (SVREZL) die nu ter besluitvorming naar de raden gaat. Deze SVREZL wordt in Parkstad vertaald in het Uitvoeringsprogramma Retail. Dit programma maakt werk van enerzijds de versterking van de winkelstructuur op gebiedsniveau, en anderzijds het onttrekken van overtollige winkelmeters. Parkstad en de aangesloten gemeenten zijn in dat kader in gesprek met de provincie Limburg, MKB Parkstad en de belangrijkste supermarktketens. De supermarkten vormen de ruggengraat van de regionale winkelstructuur.

Duurzaam en toekomstbestendige winkelstructuur
“Het convenant maakt zichtbaar hoe gemeenten steeds meer over hun eigen grenzen heen samenwerken aan een duurzame en toekomstbestendige retailstructuur voor de inwoners van Limburg. De provincie Limburg ondersteunt dit met raad en daad”, aldus Hans Teunissen, gedeputeerde Ruimte en Onderwijs.

Waarborgen van leefbaarheid in wijken
“Parallel aan een toekomstige duurzame retailstructuur past ook het waarborgen van leefbaarheid in de wijken. Daarbij is het belangrijk dat er heldere keuzes worden gemaakt voor sterke, compacte en op elkaar afgestemde winkelgebieden. Het convenant tussen de betrokken overheden is een belangrijke stap om deze gewenste structuur te kunnen bereiken”, aldus MKB-Limburg.

 

Opinie uit ons archief:

Kan Parkstad ongewenste winkelboulevard tegenhouden: Erop of eronder voor de regio

Bestuurders die hun bestemmingsplannen niet op orde hebben, moeten eigenlijk direct een motie van wantrouwen van de gemeenteraad aan hun broek krijgen.

‘Plan winkelboulevard frustreert Parkstad’, kopt De Limburger vandaag. Wat volgt is prachtig uitgewerkt verhaal. Twee gerenommeerde Limburgse vastgoedjongens – Jongen uit Beek en Linders Beleggingen (die van de supermarkt) – willen op de grens van Kerkrade met Heerlen een nieuwe winkelboulevard bouwen. Ze hebben letterlijk op het allerlaatste moment gebruik gemaakt van – in de kern armzalig en onoplettend – afwezig bestuur. Ze profiteren er namelijk van dat er voor dat gebied geen geldend bestemmingsplan meer is.  Waardoor de gemeente verplicht is een bouwvergunning af te geven als de aanvraag voldoet aan minimale bouweisen.

Parkstad beschouwt de aanvraag als een achterbakse, laag bij de grond-actie. Want in regulier overleg met marktpartijen hield Jan Linders de kaarten voor de borst, zo onthult Parkstad-directeur  Peter Bertholet. Sterker nog: ze zeiden drie maanden geleden nog dat ze geen plannen hadden.

Het hoeft geen betoog dat een nieuwe winkelboulevard in een groene wei toevoegen aan Heerlen-Kerkrade bepaald niet de eerste oplossing is waar je aan denkt als het gaat over winkelleegstand, over de verrommeling in Parkstad. Een nieuwe boulevard zal elders – ook weer in de centra – de problemen voor middenstanders vergroten, want er komen niet meer besteedbare euro’s in Parkstad.

De lokale wethouders en bestuurders begrijpen niet dat de vastgoedjongens met plannen komen die zo tegen het algemeen belang lijken in te druisen. Jongen en Linders zijn even niet bereikbaar zijn voor commentaar, ze laten  de verontwaardiging kennelijk liever even overwaaien. De storm van kritiek zal overmorgen weer zijn gaan liggen.

Het spel staat daarmee op de wagen. De bestuurders willen in overleg met de vastgoedjongens om ze op andere gedachten te brengen. En als bestuurders iets van je willen, dan weten de vastgoedjongens pas echt dat ze geld kunnen verdienen. Dan hebben ze de troeven in handen. Opgeven van die winkelboulevard, dat kan altijd. Maar wat is dan de compensatie voor de gederfde inkomsten? Altijd wel een handige accountant die kan berekenen hoeveel miljoenen zijn misgelopen. En zo incasseer je alleen al met het indienen van een bouwaanvraag een vermogen.

Lessen
Bestuurders die hun bestemmingsplannen niet op orde hebben, moeten eigenlijk direct een motie van wantrouwen van de gemeenteraad aan hun broek krijgen. Want bestuurlijke en ambtelijke luiheid  veroorzaakt dit soort problemen.

Op planologisch gebied kan ook naar de provincie gekeken worden. Planologie is een kerntaak van het gouvernement. Hoe wordt toezicht gehouden op gemeenten?

De vastgoedjongens onderling zwemmen ook in een rode zee van bloed. De een zijn nieuwe boulevard betekent de ander zijn afschrijving op onroerend goed. Daar hoeft de burger  ogenschijnlijk minder moeite mee te hebben. Ogenschijnlijk, want wat hier gebeurt heeft alles behalve met maatschappelijk verantwoord – laat staan betrokken – ondernemen te maken. Waarvoor de burger uiteindelijk toch de rekening betaalt.

De burger kan stemmen met zijn portemonnaie. ‘We’ gaan geen boodschappen doen in het nieuwe winkelcentrum. ‘We’ zorgen voor een publieksboycot van alle Jan Linders-supermarkten. Maar dat is natuurlijk een utopische gedachte: de burger wil zijn boodschappen doen waar de kiloknallers het grootst zijn, om de hoek, waar je ook nog makkelijk kunt parkeren.

Dus kijken we met zijn allen machteloos toe hoe de Parkstad weer iets verder op achterstand wordt gezet.

Of heeft nog iemand een idee?

Maurice Ubags