Imam in Geleen vangt bot bij rechter inzake vorderingen uit arbeidscontract

Een Imam die jarenlang in dienst is geweest bij de STICHTING ISLAMITISCH CENTRUM WESTELIJKE MIJNSTREEK, ook bekend onder de naam MARKAZ AL HOUDA, heeft bot gevangen bij de kantonrechter.

De Imam werkte van 2009 tot januari 2016 als imam en als godsdienstleraar in Geleen, in een serie vooral 1-jarige arbeidscontracten. Begin 2016 werd zijn contract ontbonden. Even later spande de geestelijke een procedure aan: hij denkt dat hij te weinig betaald heeft gekregen en dat er te veel inhoudingen op zijn salaris – van meestal rond de 1450 euro bruto – zijn geweest.

Die eisen zijn allemaal afgewezen: de rechter oordeelt dat de stichting niet verkeerd heeft gehandeld en oordeelt voorts dat de imam als eisende partij zijn stellingen niet bewijst.

De imam stelde ook dat de stichting schadeplichtig is voor het niet verkrijgen van een verblijfsvergunning. Ook die eis werd afgewezen:

De door [eisende partij] gevorderde verklaring voor recht dat de stichting aansprakelijk is voor de schade als gevolg van de toerekenbare tekortkoming in de nakoming van de arbeidsovereenkomst heeft betrekking op het door [eisende partij] gestelde niet tijdig en correct in orde maken van de verblijfsvergunning voor [eisende partij] . Niet gebleken is dat de stichting diende zorg te dragen voor het verkrijgen van een verblijfsvergunning voor [eisende partij] . Wel heeft de voorzitter van de stichting ter comparitie uitdrukkelijk en niet weersproken in dit verband verklaard dat hij in privé [eisende partij] behulpzaam is geweest c.q. heeft willen zijn bij het verkrijgen van een verblijfsvergunning voor [eisende partij] en daarbij kennelijk een fout heeft gemaakt. Gesteld noch gebleken is dat zulks aan de stichting kan worden toegerekend.

De rechter heeft de imam daarop veroordeeld tot betaling van de proceskosten van 500 euro en tot betaling van advocaatkosten van 100 euro aan de stichting.