Inflatie daalt naar 1,1 procent

In februari waren de prijzen van goederen en diensten voor de consument 1,8 procent hoger dan een jaar eerder.

Prijsontwikkeling kleding en benzine verlaagt inflatie
De inflatie daalde vooral door de prijsontwikkeling van kleding. In maart was de kleding door de uitverkoop ruim 4,5 procent goedkoper dan een jaar eerder, terwijl in de voorgaande maand de kleding op jaarbasis duurder was. Ook de prijsontwikkeling van benzine had een drukkend effect op de inflatie.

Inflatie zonder energie, voeding, alcohol en tabak daalt
Omdat de prijsontwikkeling van energie (autobrandstoffen, gas en elektriciteit) en voeding sterk fluctueert en de prijzen van alcohol en tabak vaak stijgen door belastingmaatregelen, wordt ook gekeken naar de inflatie exclusief deze productgroepen. De inflatie in maart volgens deze maatstaf daalde naar 0,6 procent. In februari was dat nog 1,3 procent.

Inflatie eurozone ook lager
Naast de consumentenprijsindex (CPI) berekent het CBS ook de Europees geharmoniseerde prijsindex (HICP). De inflatie in Nederland volgens de HICP daalde van 1,7 procent in februari naar 0,6 procent in maart. De inflatie in de eurozone daalde van 2,0 procent naar 1,5 procent. De inflatie in Nederland is vanaf mei 2016 lager dan in de eurozone.

De HICP wordt volgens de Europees geharmoniseerde methode berekend zodat deze kan worden vergeleken met andere lidstaten van de Europese Unie. De prijsindexcijfers voor de eurozone en de Europese Unie als geheel worden berekend uit de HICP’s van de afzonderlijke lidstaten. De Europese Centrale Bank (ECB) gebruikt deze cijfers voor het monetaire beleid. Volgens de ECB is er sprake van prijsstabiliteit als de inflatie onder, maar dichtbij, 2 procent ligt.

De HICP houdt in tegenstelling tot de CPI geen rekening met de kosten van het wonen in de eigen woning. In de CPI worden deze kosten berekend aan de hand van de prijsontwikkeling van huurwoningen.