L1 moet van Commissariaat voor de Media stoppen met businessclub

Het Commissariaat voor de Media heeft besloten geen toestemming te geven aan de Stichting Omroep Limburg (SOL, bekend van de omroep L1) voor het exploiteren van de businessclub L1Business. Het Commissariaat oordeelt dat deze nevenactiviteit van de SOL niet aan de voorwaarden voldoet zoals die zijn vastgelegd in de Mediawet en daarom moet worden beëindigd. Het Commissariaat geeft daarmee aan dat een publieke omroep er niet is om een businessclub te voeren, maar om media-aanbod te maken. Het onderhouden van contacten met adverteerders is daarbij toegestaan, maar het exploiteren van L1Business gaat een stap te ver en kan leiden tot oneerlijke concurrentie in de markt.

De SOL heeft in 2012 de businessclub L1Business opgericht, maar dat niet bij het Commissariaat aangemeld als nevenactiviteit. Eind 2015 heeft de SOL op verzoek van het Commissariaat om toestemming gevraagd voor het exploiteren van een businessclub als nevenactiviteit. De omroep gaf daarbij aan de businessclub te beschouwen als een activiteit in het kader van de publieke media-opdracht (de hoofdtaak van een omroep). En dus niet als nevenactiviteit. Het Commissariaat heeft nu besloten dat een businessclub als nevenactiviteit moet worden beschouwd waarvoor toestemming nodig is. En heeft die toestemming na een zorgvuldige beoordeling niet gegeven.

Nevenactiviteit of hoofdtaak
Anders dan bij de landelijke publieke omroepen, waar reclame door de STER wordt verzorgd, zijn regionale publieke omroepen zelf verantwoordelijk voor het verzorgen van reclameboodschappen. Ook het werven en binden van adverteerders is hun eigen verantwoordelijkheid. Sommige activiteiten die hiervoor worden uitgevoerd horen bij de hoofdtaak van een regionale publieke omroep. Met het oprichten en exploiteren van L1Business gaat de SOL echter een stap te ver. Het in bredere zin als businessclub organiseren van events en andere activiteiten voor het bedrijfsleven behoort niet tot de hoofdtaak van een omroep. Zeker niet wanneer voor het lidmaatschap daarvan een financiële bijdrage wordt gevraagd. Deze activiteiten worden dan ook gekwalificeerd als nevenactiviteit, waarvoor voorafgaande toestemming nodig is.

Relatietoets
Omdat de businessclub als nevenactiviteit is beoordeeld, is het vervolgens de vraag of het om een toegestane nevenactiviteit gaat. Het Commissariaat oordeelt ook daarover. Hierbij geldt een aantal vereisten, de zogenoemde relatietoets is er daar een van. Met de relatietoets wordt onder andere bekeken of een nevenactiviteit een direct verband heeft met of ten dienste staat aan de verwezenlijking van de publieke media-opdracht. En of de nevenactiviteit direct gerelateerd is aan het media-aanbod van de SOL. Het Commissariaat is van mening dat dit niet het geval is en geeft daarom geen toestemming voor het exploiteren van de businessclub.