Ondernemer in 100 dagen


Jammer is dat al ‘die geleerdheid’ de auteur bij het schrijven enigszins in de weg zit. Hij heeft overduidelijk getwijfeld tussen een luchtig boekje met street credibility of een wat serieuzere academische
productie. Uiteindelijk is er níet gekozen en is het eindresultaat vlees noch vis. In plaats van voor één helder model te kiezen – zoals het voor ondernemers bruikbare Canvas model – moet ook nog zo
nodig de ‘Lean Start Up’-methodiek er met de haren worden bijgesleept. Hiernaast wordt rijkelijk met andere theorietjes gestrooid, die te pas en te onpas als appendix worden bijgevoegd. Best knap
gedaan, maar wel de dood in de pot voor de toegankelijkheid. Het beoogde stappenplan is conceptueel zwak, maar ook de toon van het boek is niet in balans. De ene keer word de lezer verrast door
popie-jopietaal: ‘Je wilt ondernemer worden. Dat is gaaf!’. Maar even later verliest de auteur zich weer in Babylonische academische verhandelingen. Het gebruik van Engelse verdoezeltaal – met
woorden als compelling story, value proposition, effectuators en bird in the hand – is niet alleen oerlelijk maarook uit de tijd. Apart is dat in het slordig opgemaakte beeldmateriaal regelmatig woorden
als ‘fuck’ en ‘fucker’ voorbijkomen. Dat soort termen hoort natuurlijk niet thuis in een businessboek. Een andere storende onevenwichtigheid is dat er regelmatig kleine ‘ondernemers’ worden
geïnterviewd zoals een redacteur van managementteksten of een kunstenaar, die eigenlijk niks van doen hebben met de onnodig ingewikkelde ondernemerstheorie die in het boek wordt ontvouwen.

Schrijfstijl: 5
Inhoud: 7
Ondernemersgehalte: 5
Aanrader: Nee!