OPINIE & DEBAT: ook Communicatienetwerk Limburg mengt zich in discussie omtrent ‘Logo van Limburg’

Communicatienetwerk Limburg (CNL) is een van de grootste verenigingen voor communicatieprofessonials in Nederland. CNL bestaat dit jaar 25 jaar en heeft meer dan 300 leden.

Namens de vereniging reageren de voorzitters Karin Dormans en Gerrit-Jan Meulenbeld op de discussie omtrent het ‘Logo van Limburg’.

U leest eerst de ingezonden reactie van Communicatienetwerk Limburg, daaronder de opinie van WijLimburg en daaronder de reactie op die opinie van het team achter Limburg logo.

De kracht van een logo?

Wie of wat is Limburg? Hoe kijken anderen naar Limburg? Hoe kunnen we dat beïnvloeden? De discussie over het Limburg-logo geeft een interessante inkijk in wat er speelt als je je wilt profileren. In de vaktaal van communicatieprofessionals: het is een discussie rond identiteit en imago.

Wij Limburgers praten veel over onze identiteit. In deze discussie overheerst de manier waarop we ons onderscheiden. Dan komen al snel begrippen als gemeenschapszin, gastvrijheid en bourgondisch naar boven. Klopt allemaal, maar ze zijn niet exclusief Limburgs. Als je niet-Limburgers vraagt hoe ze naar Limburgers kijken, worden Carnaval, onze zachte g en inderdaad ook bourgondisch genoemd. En helaas ook onze vermeende gevoeligheid voor corruptie. Ons zelfbeeld en de manier waarop anderen naar ons kijken, komen niet overeen. De laatste jaren lijkt de behoefte te groeien om daar iets aan te doen.

Een groep enthousiaste Limburgers heeft een, nieuw, voorstel voor een Limburg-logo gedaan.
De Limburgse identiteit is in dit geval vertaald in een beeldmerk dat zoveel mogelijk aspecten van die identiteit letterlijk wil omvatten. De bedoeling is dat iedereen die te maken krijgt met een product, dienst, artistieke uiting of sportprestatie van Limburgse bodem kan zien wat de regio van oorsprong is. Wij zien het logo vooral als een soort kwaliteitsstempel voor alles waar Limburgers trots op kunnen zijn. Maar gaat het ons helpen aan een positiever imago?

We stelden ons al de vraag of we de Limburgse identiteit überhaupt kunnen pakken. Wat maakt de wielerprestatie van Tom Dumoulin, de muziek van André Rieu, het design van Maurice Mentjens of zelfs de vlaai typisch Limburgs? Daar hoort een verhaal bij en dat verhaal wordt niet verteld met alleen een beeldmerk. Daar moet meer voor gebeuren, anders is het effect dat je iets uitvent wat niet bijzonder is. Vergelijk het met de wasmiddelenreclame die aanprijst dat er zelfs vlekverwijderaar in zit – een eerste voorwaarde voor een wasmiddel is toch dat het vlekken verwijdert?! Vertaald naar de Limburgse vlaai: vanzelfsprekend heeft ook deze streek een heel eigen soort gebak waar we trots op zijn, net als de Friezen hun kruidkoek, de Bosschenaren hun Bossche bollen en de Zeeuwen hun bolussen. De vlaai zelf en de functie en productiewijze zijn meer een symbool van het Limburgse DNA dan een logo met een vlaai erin. Je loopt met dit logo en deze aanpak het risico dat iets wat niet onderscheidend is een Limburg-stempel krijgt. Daar wordt dan in de ‘buitenwereld’ zeker niet positief op gereageerd, waardoor je in een negatieve spiraal belandt. Een ander risico is dat je komt aandragen met zaken die het negatieve beeld bij anderen bevestigen; de rooms-katholieke dorpscultuur bijvoorbeeld.

Is er dan niets voor een Limburg-logo te zeggen?
Natuurlijk is het goed dat er een achterliggend probleem op de agenda komt. Limburg draagt weliswaar uit wat er aan bijzondere dingen gebeurt, maar reageert verongelijkt als daar onvoldoende op wordt gereageerd. Als in deze regio iets bijzonders gebeurt, krijgt dat inderdaad niet altijd landelijke aandacht. Om dat voor elkaar te krijgen zijn een paar dingen nodig:
– frappez toujours: herhaal, kom vaak in beeld, zet verschillende kanalen in;
– benadruk wat bijzonder is in de ogen van je doelgroep (niet alleen in je eigen ogen);
– communiceer vanuit kracht: zelfbewustzijn en trots maken dat je je een gelijkwaardige partner voelt van je doelgroep en ook op die basis communiceert.

Met een logo alleen gaan we het niet redden. Het gaat vooral om wat we doen – en we doen het heel goed, op allerlei terreinen. Dát moeten we uitdragen. We hoeven er niet steeds bij te zeggen ‘dat is typisch Limburgs’. Dat is het immers heel vaak niet. Alleen door de echt bijzondere thema’s te belichten kunnen wij onze positie als grensverleggende provincie innemen.

Karin Dormans
Gerrit-Jan Meulenbeld
voorzitters Communicatienetwerk Limburg

communicatienetwerklimburg@gmail.com

 

Onderstaand de opinie die gepubliceerd werd op 20 juni jl. op de website van WijLimburg.

Calimero-logo
Limburg krijgt een nieuw logo. Een L, opgebouwd uit een mozaïek van icoontjes die de kracht van Limburg moeten laten zien.

De bedenkers leggen op logovoorlimburg.nl uit wat de gedachte achter het logo is. Dat is de kracht van Limburg optimaal uitstralen.

Aan die uitstraling zijn enkele zinnen gewijd: Een pakkend logo dat inwoners op hun auto kunnen plakken. Een logo dat bedrijven als marketingtool kunnen gebruiken en dat sportclubs op hun tenue kunnen dragen.

Ik zie Roda JC al met zo’n Unilever-L van Limburg op het tenue lopen. Of dat nu de kracht van Limburg uitstraalt? Dan wordt de L verbonden aan onmacht, aan zwalkend beleid, aan een Russisch-Zwitserse investeerder die in Dubai ongedekte cheques uitschrijft.

Ach, vergeten. We vragen gewoon Tom Dumoulin een grote roze L op zijn shirt te laten bedrukken. Dat is pas uitstraling. Internationaal zelfs. Sponsor Sunweb zal er vast plaats voor willen maken. Net zoals de teambaas van het Red Bull Racing Team, Christian Horner, gelijk een plekje op de helm van Max Verstappen reserveert.

Flauw?

Okee. Dan deze prachtige volzin van de bedenkers geciteerd: Zo zien bijvoorbeeld studenten in één oogopslag dat ze niet per se naar de Randstad hoeven om een goede baan te vinden. Limburg heeft immers genoeg te bieden!

Voor alle duidelijkheid: we hebben het over een logo dat is opgebouwd uit allerlei Calimero-icoontjes. De viool van Rieu, mijnwerkersgereedschap, een vlaai-punt, een kerkje voor Rooms-Katholieke dorpscultuur, een masker.

Natuurlijk: studenten zullen dan meteen begrijpen dat ze niet per se naar de Randstad hoeven om een goede baan te vinden. Wie dat gelooft wordt zalig. Het doet eerder de vraag rijzen of het icoontje van een hennepblad niet is vergeten. Want je moet toch behoorlijk high zijn om een dergelijke gedachte aan het papier toe te vertrouwen. Zou iemand een idee hebben hoe (hoogopgeleide) jongeren aan een goede baan komen in 2017?

Het logo wordt omgeven met bewoordingen als ‘de kracht van Limburg laten zien’, ‘gepaste trots’, ‘wij-gevoel’, ‘voor iedereen die Limburg een warm hart toedraagt’.
Dat klinkt een beetje naar een tweedeling. Wie de L niet voert, draagt Limburg kennelijk geen warm hart toe? Wij tegen zij? Natuurlijk hebben de bedenkers dat niet zo bedoeld. Hopen we maar. Juist waar we gaan denken in termen van ‘Wij tegen zij’, waar we ons laten voorstaan op ‘gepaste trots’, daar moeten we voorzichtig zijn. Dat kan ook snel iets benauwends krijgen. Iets Trumpiaans. Make Limburg Great Again. “It’s the best L ever. It is! Yeah. And we let the Dutch pay for it! It is true.”

Afgezien daarvan. Als je met een logo de nadruk wil leggen op wat we hier maken, wat we hier kunnen, wat we te bieden hebben, dan is dat bij uitstek een logo dat ons Calimero-complex als niets anders in stand houdt. Dat zou betekenen dat ontwerper Daan de Haan wel nog het eierdopje op de L moet tekenen.

Een overbodig logo in een rij van vele andere reeds bestaande – al dan niet tijdelijke – logo’s. Het laatste is dat van 150 jaar Limburg, waarin we een modern gestileerde leeuw opvoeren. Wie bedenkt dat we een nieuw logo nodig hebben? Waar we gemeenschapsgeld (van de provincie) aan gaan verspijkeren? Dat moet toch iemand zijn die veel tijd heeft. Misschien wel te veel tijd.

De grote geassembleerde L is nog niet af. Iedereen is uitgedaagd na te denken over de kracht van Limburg en ook een icoontje in het ontwerp te bepleiten. Het is maar dat u het weet.

Wij denken graag mee, maar passen deze keer. Wij geloven meer in het Rotterdamse adagium. Geen logo’s, maar daden!

Maurice van der Linden
Maurice Ubags

Hieronder de reactie van het team achter het Limburg logo.

Beste Maurice,

Allereerst dank dat je je mening t.a.v. het logo van Limburg met ons (en de rest van Limburg) deelt.
Een beetje flauw is het wel, maar ach, dat kunnen we wel hebben.
Zij (die overigens geen tijd te veel hebben maar gewoon enthousiaste en energieke Limburgers zijn) hebben inmiddels wel door dat er een groep voor- en tegenstanders is.
Dat mag hoor. Geen probleem. Niet iedereen hoeft het met ons eens te zijn. Limburg overleeft ’t ook wel zonder logo.

En ja, Huub Stapel is het met ons eens, maar Maurice niet. Dus.
We zullen de rest van Limburg ook nog eens vragen. Moet je deze reactie wel even plaatsen, beste Maurice.

Het logo – dat geen doel op zich is maar een middel – is er voor ons allemaal. We kunnen daar samen meerwaarde uithalen.
Maar dat hoeft dus niet. We gaan het je niet verplichten.

Wat ik wel een beetje jammer vind is dat jij het Calimero-effect versterkt.
Wij willen er juist vanaf.
Wij willen ook af van ‘hullie’ en ‘zullie’ en van “Noord-Midden-Zuid”, nee er is maar 1 Limburg.

Beste Maurice, als jij het logo overbodig vind, dan gebruik je het toch niet. Vinden wij prima.
Komen we echt overheen.
Maar laat Roda JC en Tom Dumoulin en ook Max Verstappen in hun waarde. Wij zijn wel trots op hen. En op onze roots.
Weet je, misschien kun je eens in Rotterdam kijken voor een mooi huis. Kun je meteen een seizoenskaart voor Feyenoord kopen.
Geen woorden, maar daden, toch?
Ik denk dat je voor dat zelfde geld overigens een groter optrekje vind in ons bronsgroen eikenhout’
Maar ach, dat snapt toch niemand.

Hartelijke groeten van een nog steeds zeer gemotiveerd ‘logo van Limburg’ team.