10 jaar verdacht: Muermans mol van de Fiod of slachtoffer justitie?

In najaar 2007 komt Nederlands grootste vastgoedfraudezaak ooit aan het licht, als justitie op tientallen plaatsen invalt.  De zaak is in strafrechtelijke zin – ook in hoger beroep  – succesvol afgerond. Voor een bedrag van circa 170 miljoen euro is ‘geplukt’ van verdachten, veroordelingen zijn uitgesproken en een enkeling is vrijuit gegaan.

Maar over het lot van één man, Harry Muermans uit Roermond, bestaat nog steeds onduidelijkheid. Om niet te zeggen: dat lot is in een mistig mysterie gehuld.

Al vanaf de eerste dag valt de naam van Harry Muermans veelvuldig in de Klimopaffaire, zoals de vastgoedfraude is gedoopt. Maar na tien jaar heeft Harry Muermans nog niet voor de rechter gestaan. In april 2018 wil het OM nu een regiezitting houden, om nog later een keer de zaak inhoudelijk voor te leggen aan de strafrechter.

Tien jaar wachten in een strafzaak is meer dan onmenselijk lang. Het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens en de daarop gebaseerde rechtspraak gaat ervan uit dat een verdachte binnen twee jaar moet weten waar hij of zij aan toe is. Die termijn is rekbaar: als er goede redenen zijn voor justitie, kan die termijn oplopen. Ook alle vertragingen die toe te rekenen zijn aan de verdachte mogen bij die twee jaar worden opgeteld.

Als de ‘redelijke termijn’ wordt overschreden, is de sanctie doorgaans niet een niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie, maar wordt voor de verdachte compensatie gezocht in een lagere strafeis en de op te leggen straf.

Voor een verdachte zoals Harry Muermans is het dan ook van groot belang wanneer je officieel de status van verdachte krijgt. Dat is niet fijn, maar het markeert ook het moment waarop je rechten krijgt. Een daarvan is bijvoorbeeld dat er een moment is dat de redelijke termijn voor een strafvervolging begint te lopen. De zandloper is als het ware omgedraaid.

In 2007 was Muermans officieel nog niet tot verdachte gebombardeerd. Een jaar later werd hij verhoord door de Fiod. Pas in 2011 liet het openbaar ministerie weten dat Muermans vervolgd zou gaan worden. Die mededeling kwam nadat verklaringen naar buiten waren gekomen dat Muermans pensioendirecteuren zou hebben omgekocht. Het OM moest kleur bekennen.

Het FD informeerde na vijf jaar hoe het stond met de vervolging van Muermans. ‘Al vijfenhalf jaar wacht ik op mijn dossier van het Openbaar Ministerie, maar ik heb nog steeds niks. Ik ben nooit gedagvaard en er is nog nooit een huiszoeking bij mij geweest. Niet thuis en niet op mijn bedrijven,’ aldus Muermans. Hij voelt zich eerst en vooral slachtoffer. Heeft geen goed woord over voor de werkwijze van justitie.

Zo bekeken heeft Muermans alle gelijk van de wereld. Het is onmenselijk te leven onder de dreiging van een strafzaak, die maar op zich laat wachten. En behalve onmenselijk ook zakelijk dodelijk: je bent besmet, een risico. Wie wil er openlijk zaken doen met iemand die straks de pers haalt met termen als witwassen en valsheid in geschrifte? Niemand.

Dat onmogelijke tijdsverloop roept enkele prangende vragen op? Waarom is Muermans niet meegenomen bij de golf van invallen in 2007? Waarom besluit het OM pas in 2011 dat Muermans vervolgd moet worden en waarom wordt er vervolgens zeven jaar gewacht op het houden van een regiezitting?

Het zijn vragen die complottheorieën in het leven roepen. Kort samengevat: heeft Muermans van justitie een soort immuniteit gehad de laatste tien jaar, zoals juristen vermoeden? En zo ja, waarom? Het zakenblad Quote – doorgaans goed ingevoerd in de vastgoedwereld – heeft Muermans gevraagd naar het ‘hardnekkige gerucht’ dat hij informant voor de Fiod is geweest in de Klimopaffaire. Muermans ontkende dat fel: hij is niet degene die uit de school klapte.

En wie daarover nadenkt ziet een een steeds complexer schaakspel, voer voor complotdenkers.

Stel dat Muermans wel afspraken heeft gemaakt met de Fiod en justitie. Quid pro quo. Voor wat hoort wat. In ruil voor informatie strafrechtelijk uit de wind worden gehouden. Dat is vanuit opsporingstacktiek bijzonder waardevol: je krijgt inzichten van binnenuit. Het helpt enorm bij het vergaren van bewijs en bij het in de context plaatsen van bevindingen.

Dat gaat goed, totdat nieuwe feiten het openbaar ministerie dwingen om een strafrechtelijke vervolging aan te kondigen in 2011. Dat is altijd een eeuwig het risico bij afspraken maken met informanten. Omstandigheden kunnen veranderen, waardoor het openbaar ministerie zich niet meer kan houden aan de afspraken en in de kramp schiet om te redden wat er te redden is. Meestal wordt de publieke druk – of de druk om de waarheid te vinden in een strafzaak – dan zo groot, dat bekend wordt wie welke rol heeft gespeeld.

Vanaf 2011 tikt er een tijdbom: er komt een openbare strafzaak.  In dat scenario zou het OM de mogelijke afspraken Muermans moeten gaan schenden. En dan is het ineens logisch dat de zaak jaren stof gaat happen. Maar daarmee verdwijnt het probleem niet. Alleen nieuwe problemen doemen op. Justitie gaat onherroepelijk in de knel komen met het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens. Maar misschien zit in dat probleem wel de ontsnapping voor justitie. Niet alleen strafverlaging, maar een niet-ontvankelijkheid als sanctie. Muermans gaat dan alsnog vrijuit.  En dan ligt de weg open voor een schadevergoeding. Die moet dan maar afgetrokken worden van de 170 miljoen euro aan reeds geïncasseerde ontnemingen bij de andere verdachten.

In het complotdenken  – ervan uitgaande dat er afspraken tussen Muermans en het openbaar ministerie zijn gemaakt – zou Muermans het Openbaar Ministerie nu voor het blok zetten door de aanval te kiezen. Hij treedt nu zelf naar buiten met een eis tot schadevergoeding, omdat hij zakelijk veel schade heeft geleden de voorbije tien jaren.

Voor de buitenwereld liggen OM en Muermans nu op ramkoers, terwijl het de vraag is welk spel gespeeld is de afgelopen tien jaar en waarom Muermans uitgerekend nu naar de media stopt om kenbaar te maken dat hij de Staat gaat aanpakken.

2018 wordt wellicht het jaar van de waarheid. Letterlijk. Op alle onbeantwoorde vragen zal het antwoord boven water moeten komen. Gelukkig is waarheidsvinding het doel van het strafproces.

Mocht het alsnog tot een schikking komen (die Muermans altijd categorisch heeft afgewezen), zullen we nooit exact weten hoe de hazen hebben gelopen. Voor complotdenkers zou een schikking het ultieme bewijs zijn dat zaken definitief toegedekt moeten worden. En uiteraard kun je daar enkele fraaie statements bij bedenken die je gezamenlijk naar buiten brengt.

Als de zaak wel tot een behandeling komt, dan is het de vraag hoe hoog de rekening wordt die justitie gaat betalen voor wat in het Engels ‘undue delay’ heet. Want als duidelijk wordt dat Muermans al in 2007 op de strafrechtelijke radar had moeten verschijnen – en rechten als verdachte had moeten krijgen – dan is meer dan tien jaar wachten op een rechtszaak veel en veel te lang. Zolang dat er maar één sanctie passend is: justitie heeft zijn recht om Muermans te vervolgen verloren.

En hoe hoog vervolgens de factuur is die Muermans bij de Staat der Nederlanden indient, dat laat zich raden.

Misschien is het goed dat de nieuwe minister van justitie zich alvast eens verdiept in deze bijzondere strafzaak. Links- of rechtom gaat deze strafzaak tot kamervragen en andere problemen leiden.

Maurice Ubags