Bier en bitterballen voor meer arbeidsplaatsen

Netwerken kost tijd en geld. Dat zal iedere ondernemer kunnen onderstrepen. Ik heb nog nooit gehoord dat een ondernemer op de vingers wordt getikt omdat hij teveel tijd en geld investeert in het ‘sociale’ aspect van het ondernemerschap. Netwerken leidt immers tot nieuwe contacten. Zakendoen is vaak ook gebaseerd op ‘gunnen’, dus als ze je niet kennen valt er ook niets te gunnen.

In de politiek is netwerken echter een vies woord. Neem nu de gemeente Weert. Daar heeft het college van B&W besloten om lid te worden van de PSV Business Club. Kosten 4.000 euro. Wethouder Frans van Eersel (VVD) is zelf ondernemer en weet als geen ander hoe de netwerkhazen hollen. De 4.000 euro worden ook niet gebruikt om vanaf de twee business seats een selfie te maken met op de achtergrond de coryfeeën van PSV en wellicht Ajax of Feyenoord in actie. Nee, het gaat om de toegang tot de ruimte waar tout ondernemend Brabant een pilsje nuttigt in de rust en na de wedstrijd. Daar worden contacten gelegd en de onderlinge ‘gunfactor’ vergroot. En wellicht zijn er wel bedrijven die hierdoor interesse krijgen om zaken te doen in Weert. Geen enkele ondernemer die dit leest, zal zich nu achter de oren krabben.

Waarom dan wel de politiek? Okee, het college had dit eerst met de gemeenteraad moeten bespreken, want zij zijn immers het hoogste orgaan in de lokale bestuurshiërarchie. Maar het argument van SP-gemeenteraadslid Nico van den Bent die vindt dat het echt niet kan om voor vierduizend euro voetbalwedstrijden te bezoeken en vervolgens bij de ‘bobo’s te zitten’ terwijl veel mensen in Weert in armoede leven, slaat natuurlijk nergens op. Door deze 4.000 euro niet uit te geven, los je de armoede in Weert niet op. Maar door de 8 eurocent per inwoner te investeren in een goed netwerk vergroot je wel de kans dat je arbeidsplekken creëert in de gemeente. En daarmee dus ook weer een aantal inwoners boven de armoedegrens komt.

Overigens kan ik de heer Van den Bent nog mededelen dat in de businessclub van PSV (en vele andere betaald voetbalorganisaties) maar weinig bobo’s te vinden zijn. Bobo staat voor bondsbons. Een term die voor het eerst door Ruud Gullit in 1988 in een interview werd gebruikt om zijn ergernis te uiten over de (naar zijn idee te) prominente aanwezigheid van bestuurders van de voetbalbond tijdens het Europees kampioenschap voetbal. Bestuurders van de voetbalbond zult u echter weinig aantreffen in Eindhoven, des te meer ondernemers en juist daar is uw college naar op zoek.

Je moet zaaien voordat je kunt oogsten en ik heb bewondering voor het Weertse college dat het lef heeft om ondernemend te besturen.

Maurice van der Linden