Limburgse koe als verdienmodel

Je kunt van alles over het beleid van de provincie vinden, maar één ding is een waarheid als een koe: het is een grote katalysator van de Limburgs economie.

Regelmatig verschijnen er berichten waarin de provincie vermeld staat als subsidiënt
of leningverstrekker. Het geld in het gouvernement klotst niet tot aan de plinten, maar tot aan het plafond. Gedeputeerde Twan Beurskens zei aan het begin van dit jaar in een interview met WijLimburg dat de (weer) florerende Limburgse economie nog pas het begin stond. Er zouden nog veel mooiere en grotere dingen gebeuren. Dat klinkt als muziek in de oren, want ik ben blij dat de provinciale centjes naar bedrijven, banen, toerisme, cultuur, wonen en infrastructuur gaan. Laten we eerlijk zijn, als het Limburgs parlement alleen maar op de centen blijft zitten, is het ook niet goed.

Dus laat dat geld vooral rollen. Daar hebben we allemaal profijt van. Misschien zien we het nu nog niet gelijk, maar over 20 jaar denken we wellicht: ‘Die Beurskens heeft het zo gek nog niet gedaan.’

Alleen maar lofzang dan? Nee, en dat heeft te maken met de beargumentatie waarom de provincie geld steekt in projecten. Zo ging er 750.000 euro naar een Duitse wielerploeg met de nadruk op het argument ‘uithangbord’ Tom Dumoulin.

Wordt de wielerploeg het ‘living lab’ voor innovaties van materialen en voeding op de Brightlands Chemelot Campus en Brightlands Health Campus dan maakt dat wellicht minder tongen los.

Recent weer zo’n voorbeeld. De provincie subsidieert Leolux om een ‘Limburgse stoel’ te ontwikkelen. 165.000 euro maken de oversteek van het gouvernement naar de meubelproducten uit Venlo. Als tegenprestatie wordt aan het Venlose bedrijf gevraagd om een bord bij het showmodel te plaatsen met het logo van de provincie en een vermelding van het gesubsidieerde bedrag. De stoel wordt een visitekaartje van de provincie. Volgens gedeputeerde Beurskens is het totaal verantwoord om hieraan mee te betalen. In De Limburger laat hij optekenen “Dit is een mooi innovatief experiment waarbij een lokaal landbouwproduct wordt gekoppeld aan de maakindustrie. Dat steunen we graag.”

Dat laatste begrijp ik, het logo bij het showmodel niet. Dat werkt zelfs op mijn lachspieren. Een stoel als visitekaartje voor de provincie al helemaal. Zelfs al is die stoel duurzaam geproduceerd en met leer van Limburgse runderen. De meubelmaker ziet er zelfs een nieuw verdienmodel voor boeren in, want zo gaat de huid van een Limburgse koe niet bij het afval na de slacht. Ik ben benieuwd hoeveel stoelen er per dag geproduceerd moeten worden om hier voor de boeren een verdienmodel van te maken.

Natuurlijk zal er altijd gekissebis zijn over provinciale bestedingen van publiek geld. We vinden immers allemaal dat het ‘ons’ geld is. Maar met de juiste beargumentering haal je veel wind uit de ‘gekissebis zeilen’. Ook dat is een waarheid als een koe.

Maurice van der Linden

 

Leolux plaats de ‘Limburgse stoel’ graag in een breder kader:

Blue economy als inspiratiebron

Leolux zet netwerk op voor Limburgs lee

Designproducent Leolux gaat een nieuwe samenwerking opzetten met Limburgse organisaties en bedrijven. Het  netwerk verenigt de landbouwsector en de maakindustrie, creëert een nieuw verdienmodel voor de Limburgse veehouders en is een economische stimulans voor de regio. Met het opzetten van het netwerk wil Leolux een voortrekkersrol spelen op het gebied van duurzaam produceren. Het eerste tastbare resultaat wordt een “Limburg-meubel”. Niet alleen de ontwerper en de makers, maar ook zoveel mogelijk materialen worden “gesourced” in de directe omgeving. Belangrijk onderdeel: natuurlijk lokaal leer, geproduceerd van echte Limburgse vleeskoeien. Het concept wordt gesteund door de Provincie Limburg, dat het project beschouwt als een uithangbord voor de innovatiekracht van de regio.

Limousin

‘Als familiebedrijf vindt Leolux een schone omgeving belangrijk, ook voor volgende generaties’, aldus directeur Sebastiaan Sanders. De principes van de “blue economy” zijn voor Leolux een lichtend voorbeeld: we willen schoon werken, met grondstoffen die lokaal voorhanden zijn. Op zichzelf is duurzaam produceren voor ons al jarenlang heel vanzelfsprekend, maar met betrekking tot de herkomst van leer is er nog winst te behalen. Nu komt ons leer voornamelijk nog van Duitse dieren die in Italië gelooid worden, terwijl er hier in Limburg prachtige Limousin-vleesrunderen rondlopen. Als we deze dieren kunnen inzetten voor het produceren van hoogwaardig kwaliteitsleer, scheelt dat uiteraard flink in de CO2 uitstoot. Bovendien is het een geweldige stimulans voor de regio.’ Leolux heeft al afspraken gemaakt met de vereniging van houders van deze Limousin-vleesrunderen. De huiden worden na de slacht van de dieren apart gehouden en zijn straks volledig traceerbaar. Wie een meubel koopt met het lokale leer, weet dus precies waar het dier vandaan komt.

Afbreekbaar leer

Het Limburg-meubel wordt ontworpen door een Limburgse designer, ontwikkeld en gemaakt door Leolux in Venlo, met materialen die (waar mogelijk) uit de directe omgeving worden gehaald. Het meest complexe van dit innovatieve concept, is echter het opstarten van de lokale leerproductie. Sanders: ‘De structuur die je Italië hebt, van veehouders, slachthuizen en handelaren die samenwerken met looiers, ontbreekt in Limburg nog volledig. Deze samenwerking zijn we nu aan het opzetten, in samenspraak met alle betrokken partijen. Dat is een heel intensief en kostbaar traject. Maar het eindproduct, ons eigen lokale leer van Limousin runderen, wordt dan ook van absolute topkwaliteit: een exclusief zuiver anilineleer, van Limburgse dieren, gemaakt in de regio, met verf- en looistoffen die volledig afbreekbaar zijn.’

Najaar 2018

Bij het plan is een groot aantal partijen betrokken. Leolux en IBI2 (de milieu-denktank waar Leolux partner van is), zijn in overleg met de veehouders, slachters en looiers. Maar ook de LLTB (de Limburgse land- en tuinbouwbond) en de provincie praten mee. Het Limburg meubel zelf moet nog worden ontwikkeld. Er is inmiddels een Limburgse designer benaderd. De bedoeling is om het meubel in de tweede helft van 2018 te presenteren. De provincie Limburg steunt het innovatieproject van Leolux met een subsidie van 165 duizend euro, de helft van de kosten die Leolux maakt voor de ontwikkeling, het opbouwen van de samenwerking en de kennisuitwisseling die het project “Limburg-meubel” met zich meebrengt.