Panama Papers en Jos van Rey: Hulde aan de onderzoeksjournalisten

De Panama Papers. Zo’n vierhonderd onderzoeksjournalisten van vooral gerenommeerde kranten in de wereld onthullen nu dagelijks hoe de rijken hun vermogen en inkomsten onttrekken aan het zicht van de fiscus in eigen land. Rijken der aarde, rijken uit Nederland.

Smullen van de onthullingen en ergernis over de houding van de rijken die niet hun fair share aan belasting willen betalen. Uit onderzoek is al vaker gebleken dat de belastingen vooral worden opgehoest door de kleine man en het MKB, voor wie fiscale tovenaars te duur zijn om in te huren, voor wie Panama en de British Virgin Islands te ver weg zijn. Het is goed dat de OESO stuurt op de verplichting voor multinationals om per land aan te geven wat ze er verdienen en wat ze er afdragen aan de fiscus.

Een vrije controlerende pers is van groot belang. Rijken, ondernemers en politici moeten weten dat ze gecontroleerd worden. Het is goed als de waakhond van democratie en van integer zakendoen niet alleen kan blaffen, maar ook kan doorbijten. Journalisten organiseren de publieke opinie, die internationale organisaties en toezichthouders dwingt scherpere regels te stellen en  op te treden.

De Panama Papers laten zien dat het bij uitstek de grote krantenredacties zijn die ervaren onderzoeksjournalisten kunnen vrijmaken – en kunnen bekostigen – om jaren onderzoek te doen.

Het is mooi om te zien dat het NOS-journaal en alle andere media in hun beperkte ruimte niet alleen tijd en redactiepagina’s hebben voor de Panama Papers, maar ook voor de strafzaak tegen Jos van Rey. Die zaken zijn in de kern van hetzelfde laken een pak.

Een strafzaak die mede het gevolg is van gedegen onderzoekswerk door Dagblad De Limburger/Limburgs Dagblad. De journalisten Theo Sniekers en Hans Goossen hebben ook jarenlang onderzoek gedaan in die kwestie. De Limburger heeft een lange onderzoekstraditie als het gaat om bestuurlijke corruptie in het bronsgroen. Dat begon ooit met het boekje waarin wegenbouwer Baars bijhield welke bestuurder hoeveel had gekregen. In de jaren negentig waren het Henk Langenberg en Joep Dohmen die de onderzoekskar met succes trokken. Een tijd dat steekpenningen  fiscaal gewoon werden verantwoord als verwervingskosten. De opvolgende hoofdredacties van De Limburger hebben onderzoeksjournalistiek gelukkig nooit wegbezuinigd, ook al is het de duurste tak van sport binnen een redactie.

Het onderzoekswerk, zowel internationaal als in onze eigen provincie, is van groot belang. Maatschappelijk, politiek en ook economisch. Integer besturen, zuiver zakendoen, belasting betalen: het zijn uiteindelijk pijlers onder onze welvaart. De elite moet zich gecontroleerd weten.

Daar hebben ze recht op. Net als op een eerlijk proces.

Maurice Ubags