Kleinere ondernemers hebben in het algemeen steeds meer moeite om het innovatietempo van multinationals en de industrie bij te houden. Waar grote multinationals zoals Amazone bezig zijn met hun eigen huisrobot, zit menig mkb-ondernemer bij wijze van spreken nog dagelijkse te stoeien met Excel-sheets. Berenschot signaleert dit probleem in het rapport ‘Slimmer prduceren moet je stimuleren’, dat de consultants in opdracht van de Koninklijke Metaalunie hebben opgesteld.

Het grootste risico dat wordt gesignaleerd is dat als het Nederlandse mkb de innovatierace niet bij kan houden, er straks samenwerking wordt gezocht met buitenlandse bedrijven die wel de broodnodige vernieuwingen weten door te zetten. Of nog erger: grote metaalspelers gaan hun heil straks over de grens zoeken. Het mkb moet kortom sneller worden en meer inzetten op digitalisering en nieuwe processen. Denk bijvoorbeeld aan 3D-printing, Smart industrie, internet of things, snellere levertijden en industrie 4.0.

In het rapport staat daarom een pleidooi voor een stimuleringbeleid, bijvoorbeeld innovatiesubsidies, van de overheid. Want duidelijk is dat in het mkb geld- en personeelstekort is voor innovatie. Het is bij de metaalindustrie dus vooral zaak dat kleinere maakondernemers van overheidswege financieel en qua kennis worden ondersteund bij productie of procesinnovaties, die voor een ondernemer met een smalle beurs meestal niet te dragen zijn. Hoe dan ook komen mkb-ondernemers, of het nu de makers betreft of andere ondernemers, er niet onderuit om zich scherper op de digitale toekomst voor te bereiden. Wie straks niet in staat is om razendsnel te communiceren in de bedrijfskolom, ouderwets blijft in zijn bedrijfsprocessen of niet in kan spelen op hightech distributietools die loopt een geheide kans op den duur de boot te missen.