Rabo in Limburg ziet behoefte werkkapitaal doorstijgen (in 2016 250 mln in Limburg extra)

Bij economische groei neemt die behoefte toe. “In 2016 hebben we voor 250 miljoen aan extra werkkapitaal verschaft, een stijging met dubbele cijfers ten opzichte van een jaar eerder. Voor komend jaar rekenen we weer op een sterke stijging.” Harry Lempens, directievoorzitter van de Rabobank Westelijke Mijnstreek is optimistisch. Hij spreekt namens de negen Rabo’s in Limburg.

Harry Lempens

Om daar meteen nog een ander cijfer aan toe te voegen: “In 2016 hebben we voor anderhalf miljard aan nieuwe leningen verschaft. Dat is twintig procent meer dan in 2015.” Lempens: “Het beeld is lang geweest dat de banken de kredietkraan dicht hadden gedraaid. Dat is nooit zo geweest. Er was veel eerder sprake van vraaguitval aan de kant van de ondernemers. In de crisis trapten zij op de rem. Nu zie je dat het ondernemersvertrouwen en ook het consumentenvertrouwen helemaal terug is. Er worden weer investeringsplannen uitgevoerd waarvoor geld nodig is.”

Kunnen de magere jaren die achter ons liggen de ondernemers parten spelen als ze nieuwe kredieten aanvragen? Lempens legt uit dat het verleden een van de pijlers onder een financiering raakt. “We kijken uiteraard naar de vermogenspositie van een bedrijf. Die kan aangetast zijn. Dat is geen reden om dat meteen een aanvraag af te wijzen. We kijken naar de ondernemer: hebben we vertrouwen in haar of hem dat hij de plannen die met ons worden gedeeld ook tot een goed eind worden gebracht? Leveren die plannen voldoende betalingscapaciteit op om de lening af te betalen? We kijken behalve de vermogenspositie – kun je een tegenstoot incasseren? –  ook naar onderliggende zekerheden voor de bank? Primair is dat we vooruit kijken.”

Uit de gestegen kredietverlening en uit het beschikbaar stellen van fors meer  werkkapitaal blijkt dat de Rabo graag meedenkt met ondernemers. Lempens: “We zien onze rol overigens veranderen. Het is al langer niet meer wel of geen krediet. Alles of niks. We worden veel meer regisseur van een financiering. Meestal gaat het om complexe vragen en kijken we welke partijen allemaal bij kunnen dragen aan een financiering. Gestapeld financieren noemen we dat.” Bij die financieringen is het zo dat als de Rabo een groot deel voor zijn rekening neemt, andere partijen dat als een soort keurmerk ervaren. “We hebben meer dan 100 jaar ervaring in het analyseren van risico’s. Als de Rabobank vertrouwen schenkt, is dat natuurlijk een belangrijk signaal. We beheren in Limburg zo’n 16 miljard euro aan spaargeld, terwijl we 18 miljard aan leningen en kredieten hebben uitstaan. Daar moeten we behoedzaam mee omgaan.”

In aantallen uitgedrukt is de Rabo in Limburg met veel afstand overigens nog steeds de belangrijkste geldbron voor ondernemers. In Limburg staat via de negen Rabobanken voor zo’n 18 miljard aan leningen en kredieten uit. In heel Nederland is in 2016 door ondernemers via crowdfunding voor circa 160 miljoen euro opgehaald. Dat is een bedrag waar één enkele lokale Rabobank in een jaar al snel overheen gaat.”

De groei in kredietverlening lijkt opmerkelijk. Juist in 2016 voerden de Rabo’s in Limburg een reorganisatie door waarbij 450 fte verdwenen. De Rabobank Westelijke Mijnstreek zag bijvoorbeeld zijn personeelsbestand teruglopen van 230 naar 127 fte. Lempens: “De reorganisatie is geheel voor rekening van ‘de achterkant’ van het bankbedrijf gekomen. De commerciële organisatie is volledig intact gebleven. We zijn er steeds geweest voor onze klanten, ook in een roerig 2016.”

De bankier weerspreekt ook het beeld dat de Rabo voor ‘kleine financieringen tot één miljoen euro’ geen accountmanager meer stuurt. Lempens: “We hebben de aanvraag voor kredieten tot één miljoen euro voor een stuk geautomatiseerd. Een ondernemer kan nu – met hulp van zijn accountant – zelf de aanvraag indienen. Hij kan zelf alle relevante stukken insturen. Als de aanvraag compleet is komt er binnen enkele dagen een gesprek waarin we een besluit nemen. De ondernemer zit zo veel meer zelf aan het stuur en weet veel sneller waar hij aan toe is. Komt een ondernemer er niet uit, gaan we hem natuurlijk helpen. De afweging of we wel of niet financieren is overigens nog steeds hetzelfde gebleven. We zien nu al dat 50% van de kredieten tot één miljoen euro op deze wijze worden afgehandeld.”

Lempens ziet voor de Rabo niet alleen een rol als financiële regisseur weggelegd. “Onze banken zitten heel diep in heel veel netwerken. Bij de financieringen van de campussen lopen we voorop. In de Westelijke Mijnstreek zijn we actief in een venture-fonds op Chemelot. Met Teckle helpen we innovatie start-ups  – dat zijn de moeilijkste bedrijven om te financieren – aan kapitaal. We kennen alle beslissers in Limburg persoonlijk. Ik denk dat we ons netwerk nog meer van toegevoegde waarde moeten laten zijn voor andere ondernemers in dat netwerk.”

In het netwerk van Lempens zitten overigens ook – alleen al in ‘zijn’ werkgebied -tientallen businessangels die andere ondernemers willen helpen, ook met kapitaal. Lempens: “De spaarrente is laag, aan beleggen op de beurs en zeker ook aan beleggen in vastgoed heeft menigeen een scheur in de broek opgelopen. We zien dat oud-ondernemers steeds meer interesse hebben om een deel van hun geld te investeren in plannen van vaak jonge ondernemers. Dan kunnen ze iets doen dat betekenis heeft en ze kunnen soms een coachende rol, als een soort commissaris, op zich nemen. Wij kunnen ondernemers zo vaak aan elkaar koppelen.”

Voor 2017 is Lempens onverminderd optimistisch. “We zien de dynamiek in Limburg. Hier groeit de economie harder dan landelijk gemiddeld. We zijn er helemaal klaar voor.”

Waarmee Rabobank met grote afstand marktleider in Limburg zal blijven. Niet alleen bij particulieren – de helft van de Limburgers is al klant -, ook bij het MKB en Grootzakelijk. Dertig procent van de Limburgse ondernemingen heeft de Rabo als huisbankier. ING  en ABN volgen op gepaste afstand.