Wijzigingen autobelastingen 2017-2020

Wijzigingen autobelastingen van 2017 tot 2020 op hoofdlijnen
– Verlaging van de aanschafbelasting personenauto’s en motorrijwielen (bpm) voor 2020 met in totaal 14,7%.
– Verlaging van 2% van de motorrijtuigenbelasting (mrb) voor alle personenvoertuigen.
– Verhoging van de mrb voor vervuilende dieselpersonenvoertuigen en dieselbestelauto’s vanaf 1 januari 2019.
– Vermindering van het aantal bijtellingscategorieën van 4 naar 2.
– Verlaging van het algemene bijtellingspercentage van 25 naar 22.
– Versterking van de fiscale stimulering van volelektrische auto’s.

Bijtelling naar 22%
De bijtelling voor alle leaseauto’s gaat geleidelijk naar 22%. Alleen volledig elektrische auto’s krijgen een extra stimulans door een bijtelling van 4%.

Bijtelling leaseauto’s vanaf 2016 tot en met 2020 (bron: Rijksoverheid.nl)
rijksoverheid

Bijtelling vanaf 2017
Voor een nieuwe auto met een CO2-uitstoot van 106 gr/km of meer gaat het algemene bijtellingspercentage van 22 gelden. Dit geldt voor auto’s die een datum van eerste toelating op de weg hebben vanaf 1 januari 2017.

Voor zeer zuinige auto’s blijft de verlaagde bijtelling gelden. Namelijk voor een periode van 60 maanden na de maand waarin de auto voor het eerst te naam is gesteld in het kentekenregister.

Volelektrische auto’s krijgen een fiscale stimulans
Het kabinet heeft de ambitie dat na 2035 alleen nog auto’s verkocht worden die emissievrij kunnen rijden. Na 2050 moeten er alleen maar emissievrije auto’s rondrijden. Daarom blijft het kabinet volledig elektrisch rijden tot en met 2020 volledig stimuleren. Het bijtellingspercentage voor privégebruik van dit type zakelijk auto blijft 4%. Daarnaast hebben deze auto’s een volledige vrijstelling in de mrb en bpm.

Plug-in hybride auto’s passen niet meer binnen het kabinetsbeleid om zeer zuinig rijden fiscaal te stimuleren. Het beleid is namelijk ingehaald door de techniek. Deze auto’s rijden een veel kleiner deel van hun kilometers elektrisch dan verwacht. Daarom wil het kabinet de belastingvoordelen voor plug-ins de komende jaren afbouwen.

Vanaf 2017 gaat voor nieuwe plug-ins het algemene bijtellingspercentage van 22 gelden. Deze auto’s profiteren tot en met 2020 nog wel van een halftarief in de mrb. Zo is het voor particulieren aantrekkelijker om een tweedehands plug-in hybride auto te kopen.

Zwaardere belasting auto’s zonder roetfilter
Oude dieselauto’s die meer fijnstof uitstoten dan een nieuw model, gaan meer betalen. Voor deze vervuilende diesels zonder fabrieksroetfilter gaat de mrb per 2019 met 15% omhoog (inclusief opcenten). Eigenaren van een vervuilende diesel hebben dus een paar jaar de tijd om een schonere auto te kopen.

Voor een gemiddelde dieselpersonenauto in de gewichtsklasse 1350-1450 kilo betekent dat een verhoging van € 225 per jaar. De verhoging komt voor een gemiddelde bestelauto van een ondernemer uit op € 62 per jaar.

Bpm tot 2020 met 14,7 % verlagen
Het kabinet wil de aanschafbelasting (bpm) stapsgewijs afbouwen met in totaal 14,7 % in 2020. De afbouw is een eerste stap is naar een volledige afbouw van de bpm op termijn. De dieseltoeslag is uitgezonderd van deze afbouw en deelt niet mee in de verlaging van de tarieven.

Ook de berekening van de bpm zal gaan veranderen. De CO2-uitstootgrenzen voor bezineauto’s en dieselauto’s wordt vanaf 2016 aangescherpt. Het vaste deel gaat omhoog van € 175 naar € 350. De CO2-component gaat met een gelijk deel omlaag. De hoogte van de bpm is afhankelijk van de CO2-uitstoot. Daarnaast gaat het tarief voor auto’s die weinig CO2-uitstoten omlaag. Zuinige personenauto’s in het kleine en middensegment krijgen hierdoor extra voordeel.

Verlaging mrb voor personenauto’s
De motorrijtuigenbelasting (mrb) gaat voor reguliere personenvoertuigen omlaag met gemiddeld 2% per 1 januari 2017. Dit wordt mede mogelijk gemaakt door een hogere mrb van de meest vervuilende dieselpersonen- en dieselbestelauto’s.

De ministerraad heeft op voorstel van staatssecretaris Wiebes van Financiën ingestemd met Autobrief II. Het wetsvoorstel Autobrief II is op 19 juni 2015 aan de Tweede Kamer aangeboden. De Tweede Kamer (op 12 april 2016) en de Eerste Kamer (op 5 juli 2016) hebben ingestemd met het wetsvoorstel. Dat betekent dat de wijzigingen ingaan op 1 januari 2017.