Alternatieve geschillenbeslechting:

1 Inleiding

Wanneer partijen een geschil hebben proberen ze natuurlijk eerst via overleg tot een oplossing te komen. Lukt dat niet dan het is gebruikelijk dat één van de partijen zich tot de overheidsrechter (kantonrechter of rechtbank) wendt om die rechter te vragen het geschil op te lossen. De laatste jaren zijn er echter andere mogelijkheden van geschillenbeslechting in zwang gekomen. Wij willen in een drieluik de belangrijkste alternatieve vormen van geschillenbeslechting kort presenteren. Die zijn:

a. Arbitrage
b. Mediation (inclusief de meest recente ontwikkeling: “medarb”)
c. Bindend advies

Wij beginnen ons drieluik met arbitrage.

2 Arbitrage

2.1 Wat is arbitrage?

Kort samengevat is arbitrage het beslechten van een geschil door één of meer arbiters. De arbiter is een onafhankelijke derde die over het geschil beslist door middel van een vonnis. Arbitrage lijkt dan ook op “gewone” overheidsrechtspraak met dien verstande dat partijen arbitrage in een overeenkomst moeten overeenkomen. Dat gebeurt vaak bij het sluiten van de overeenkomst waarin een zogenaamde arbitrageclausule wordt opgenomen of in de Algemene voorwaarden (bijvoorbeeld in de bouw) maar kan ook ad hoc, wanneer zich een geschil voordoet, overeengekomen worden. Sommige geschillen kunnen niet aan arbitrage worden onderworpen, maar moeten onder alle omstandigheden aan de overheidsrechter worden voorgelegd.

2.2 Voordelen van arbitrage

Een arbitrage verloopt meestal sneller dan een gewone procedure. Bovendien kan afgesproken worden dat arbitrage vertrouwelijk plaatsvindt. Daardoor komen derden niets te weten over het geschil. Dit in tegenstelling tot een procedure bij de overheidsrechter waar in beginsel altijd in het openbaar recht wordt gesproken. De arbiters kunnen worden gekozen op hun deskundigheid, maar moeten wel onafhankelijk zijn. Dit aspect blijkt vaak een belangrijke drijfveer om voor arbitrage te kiezen: zeer technische geschillen over bijvoorbeeld bouwkundige constructies of softwareontwerpen zijn gebaat bij technisch deskundige arbiters die de problematiek begrijpen. Vaak wordt dan wel een jurist aan het arbitraal college toegevoegd, omdat formele- en bewijsregels moeten worden toegepast. Andere voordelen zijn dat partijen afspraken kunnen maken over het verloop van de procedure (of hoger beroep bijvoorbeeld wel of niet mogelijk is), dat bijstand van een advocaat niet vereist is en dat een arbitraal vonnis is in het buitenland makkelijk kan worden uitgevoerd.

2.3 Nadelen van arbitrage

Het grootste nadeel van arbitrage zijn de kosten. De kosten van de arbiters moeten immers door partijen worden voldaan. Een ander nadeel is dat het arbitrale vonnis door de overheidsrechter (in dit geval het gerechtshof) kan worden vernietigd, indien arbiters in de procedure bepaalde beginselen hebben geschonden. Dit is bijvoorbeeld het geval
indien een arbiter partijdig is geweest of een arbiter het beginsel van hoor en wederhoor heeft geschonden. Indien deze situatie zich onverhoopt voordoet, zijn de kosten voor de arbitrage zinloos gemaakt en is de snelheid van de procedure verloren. Een zorgvuldige selectie van arbiters is dan ook van groot belang.

3 Praktische handvaten

Het Nederlands Arbitrage Instituut (“het NAI”) is in Nederland het grootste onafhankelijke instituut dat gespecialiseerd is in het begeleiden van arbitrages. Op de website van het NAI (www.nai-nl.org) staan prima arbitrageclausules die in overeenkomsten kunnen worden opgenomen. Partijen komen dan reeds vooraf overeen dat zij arbitrage zullen toepassen wanneer zij een geschil krijgen. Bovendien hanteert het NAI een vast arbitragereglement dat veel steun biedt aan arbiters. Het NAI ondersteunt zo nodig daarnaast de keuze van de arbiters en zorgt voor kwaliteitschecks op het concept arbitrale vonnis zodat partijen zoveel mogelijk zekerheid krijgen dat het arbitrale vonnis aan de geldende regels voldoet.

4 Tot slot

Arbitrage als methode om geschillen te beslechten verdient zeker aanbeveling wanneer sprake is van complexe geschillen die slechts sporadisch aan de overheidsrechter worden voorgelegd. De overheidsrechter mist dan de ervaring en de deskundigheid om zo’n geschil te beslechten. Zelf ben ik vaak betrokken geweest bij gecombineerde civiele en fiscale geschillen. Bijvoorbeeld bij ontvlechtingen van maatschappen en vennootschappen onder firma waarbij fiscale aspecten een voorname rol kunnen spelen en bij jaarrekeninggeschillen waarbij de fiscale latenties of garanties na overname een rol spelen.

Eugène Rosier

Advocaat-belastingkundige

Arbiter bij het Nederlands Arbitrage Instituut.

Andere berichten van Thuis Partners Advocaten: